Jonge kinderen leren wat een boek is tijdens Nationale Voorleesdagen

Op de Borgmanschool in Groningen kun je niet om de Nationale Voorleesdagen heen. Bij binnenkomst in de hal hangt een poster van het evenement, bij de deur van het klaslokaal hangt een voorleesrooster en ernaast staat een grote voorleesstoel. “De kinderen zijn heel enthousiast over het voorlezen”, stelt juf Karin Boorsma van groep 1/2.  

Het doel van de Nationale Voorleesdagen is om kinderen in aanraking te brengen met boeken. Dit vertelt Desirée van der Zander namens Stichting Lezen, de bedenker van het project. Daarnaast wil de stichting dat ouders en grootouders het belang van lezen weer gaan inzien en dat zij aangezet worden om van voorlezen een dagelijkse routine te maken. “Voorlezen moet net zo belangrijk zijn als elke dag je tandenpoetsen”, stelt Van der Zander. “Het hoort gewoon bij de opvoeding.”

Kinderen zijn tegenwoordig veel met I-pads bezig en weten volgens Van der Zander niet eens meer dat een boek open kan. “Ze beginnen al te swipen als ze het zien”. Zij vertelt dat uit recente onderzoeken blijkt dat kinderen die niet voorgelezen worden maar net voldoende woordenschat hebben om op de basisschool mee te komen. Kinderen die wel voorgelezen worden doen het beter op school. Daarnaast stellen de onderzoeken dat ouders hun kind de afgelopen jaren vrijwel even vaak bleven voorlezen, maar dat de voorleestijd wel minder wordt. “Dat is jammer, maar ook wel weer begrijpelijk”. Van der Zander denkt dat dit onder andere komt doordat ouders meer werken.

Eerder in januari stelde het Sociaal Cultureel Planbureau in een rapport dat er steeds minder gelezen wordt door jongeren. Van der Zander vindt dit verontrustend nieuws, want als je niet geletterd raakt, heb je veel minder kansen in de maatschappij. “Goed kunnen lezen is van wezenlijk belang”. De Nationale Voorleesdagen zijn volgens Van der Zander dan ook belangrijk. “Heel simpel: het kind leert wat een boek is, dat het een voor- en een achterkant heeft”. Lezen is goed voor de taalontwikkeling, kinderen leren andere woorden dan die ze gebruiken in spreektaal, stelt Van der Zander. “Ze leren andere werelden kennen, maar ook hun eigen wereld en het is een mooi moment tussen ouder en kind”.

De voorleesdagen zijn bedoeld voor kinderen van zes maanden tot zes jaar, kinderen die dus nog niet kunnen lezen. De organisaties die aan de voorleesdagen meedoen zijn daarom kinderdagverblijven en groep 1 en 2 van basisscholen. Ook bibliotheken doen mee door allerlei activiteiten te organiseren. Op de Borgmanschool in Groningen doen ze ook mee aan de het project. In groep 1/2 komt elke ochtend een ouder of ander familielid van de leerlingen voorlezen. Juf Karin Boorsma is enthousiast over het project, ze merkt dat de kinderen het leuk vinden om andere mensen te horen voorlezen.

 

1 thought on “Jonge kinderen leren wat een boek is tijdens Nationale Voorleesdagen”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *