‘Iedereen kan Pussy Riot zijn!’

Pussy Riot, het Russisch activistisch kunstenaarscollectief van Maria Alyokhina, trad maandag 28 januari op in De Oosterpoort. Riot Days is een multimediale bewerking van haar aangrijpende memoires over de woelige beginjaren van de band. Vertaalt zich dat ook in een sterke uitvoering?

Een concert van Pussy Riot is altijd een stap in het onbekende. Sinds een groep elf feministische vrouwen in 2011 de band oprichtte, traden ze amper in dezelfde bezetting op. Zo lijkt de groep rond Nadezhda Tolokonnikova die in het prille 2018 rondtoerde in niets op de band die Maria Alyokhina rond zich verzameld heeft. Mag je het eigenlijk een band noemen? De presentator benadrukt dat Pussy Riot in de eerste plaats een kunstcollectief is, voor wie low-cost videoclips van hun openbare punkperformances gewoon de meest geschikte drager leek voor hun snoeiharde politieke boodschappen. Want daar is het Pussy Riot, in welke bezetting dan ook, toch voornamelijk om te doen.

Druk op de tijdlijn voor een korte samenvatting van de historie van Pussy Riot: een voortdurende en vooral ongelijke strijd tussen activisten en regering.


Een trompettist/drummer en keyboardspeler mogen de toon zetten, en het wordt een onheilspellende. Tot Pussy Riot-oprichtster en bandleider Maria “Masha” Alyokhina met een overweldigende oerkreet het podium opkomt, en het publiek haar met luid gejoel verwelkomt. Het mag eigenlijk een klein wonder heten dat Masha überhaupt deze show kan leiden. Ze mocht Rusland namelijk niet verlaten omdat ze een taakstraf had, nadat ze bij het honderdjarig jubileum van de KGB een tekst had opgehangen met: “Gefeliciteerd, beulen!”

Dat reisverbod heeft ze aan haar laars gelapt om overal in Europa haar memoires Riot Days met muziek en film te vertolken. Het is een relaas over de prille begindagen van een moedige groep artistieke dissidenten, de voorbereiding en uitvoering van hun beruchte optreden in de orthodoxe kathedraal van Moskou, het daaropvolgende schijnproces en de tweejarige gevangenisstraf in Siberië, tot de uiteindelijke vrijlating. Een bijzonder inspirerend verhaal, dat alleen al aan kracht wint omdat ze in al haar starheid en moed ook kwetsbare momenten toont: “Do I have the right to do this or am I a barbarian?”, vraagt ze zich hardop af, luttele minuten voor ze de kathedraal binnenloopt voor hun berucht altaarconcert.

Hoe meeslepend dat verhaal ook is, de uitvoering doet er niet helemaal eer aan. Het verhaal wordt van begin tot eind over de elektrobeats en trompetdeuntjes op de achtergrond geroepen: soms in koortsige monologen van Masha, dan weer in vraag- en antwoord met de energieke mede-performer Kiryl, en af en toe luide climaxen waarbij hun protestkreten unisono door de micro’s schallen. Toch zit daarin te weinig dynamiek en variatie om helemaal te overtuigen. Dat je als toeschouwer constant boven de groep zit te turen om de vertaling van de tekst bovenaan het beeldscherm te volgen, helpt daar niet bij.

Het resultaat is een beetje vlees noch vis: te weinig punk om punk te noemen, en te weinig interactie om voor sterk theater te kunnen doorgaan. Maar misschien zou het ook Pussy Riot niet zijn als ze wensten in een hokje gestopt te worden. Vrijheid – ook artistieke – is voor Pussy Riot het hoogste goed. En als deze voorstelling iets duidelijk maakt, dan is het dat we die verworven vrijheid nooit als vanzelfsprekend mogen beschouwen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.