De Spelen waar niemand van gehoord heeft

Vandaag beginnen in Minsk de Europese Spelen. Als die naam bij jou niet meteen een belletje doet rinkelen, ben je niet de enige.  Het evenement heeft voorlopig noch de belangstelling noch het deelnemersveld die de naam doet vermoeden. Toch gaat Nederland er met ambities heen.

Het is pas de tweede keer dat de Europese Spelen plaatsvinden. Toch kent het evenement een lange voorgeschiedenis. Het Europees Olympisch Comité zocht al jaren naar een tegenhanger voor de Asian-, Pacific-, African-, Pan-American en Commonwealth Games, die al decennialang plaatsvinden en ontzettend populair zijn. Toen Azerbeidzjan met ettelijke oliemiljarden op de proppen kwam, was het laatste puzzelstukje aanwezig om de eerste editie in Bakoe te landen.  

De voorbereiding op de Europese Spelen liep niet van een leien dakje. Na een succesvolle editie in Bakoe kreeg Nederland eind 2015 de organisatie voor de tweede editie toegewezen. Nauwelijks een maand later trok Nederland zijn kandidatuur weer in, omdat het Rijk zich weinig bereid toonde de vereiste 57,5 miljoen te pompen in een evenement dat vooralsnog niet tot de verbeelding spreekt. Pas een jaar later werd met Wit-Rusland een nieuwe kandidaat. Opnieuw in Oost-Europa dus, waar vooralsnog meer mensen lijken warm te lopen voor het Europees broertje van de Olympische Spelen.

Een stapje terug?

Waar Azerbeidzjan voor de eerste editie miljarden investeerde in nieuwe stadions, infrastructuur en een megalomane openingsceremonie, waar zelfs Lady Gaga aan deelnam, pakt Wit-Rusland het een stuk zuiniger aan. Zo werden de royale premies, waar Azerbeidzjan atleten naar het nieuwe evenement mee lokte, afgeschaft. Minsk moet het dan ook met 4.000 atleten stellen, in vergelijking met de 6.000 die naar Bakoe afzakten. Ook is het evenement een week korter dan het vorige, en bracht de organisatie het aantal disciplines terug van 20 naar 15. En het atletendorp is eigenlijk… een universitaire campus.

Toch heeft Geert Slot, woordvoerder van de Nederlandse Sport Federatie NOC*NSF, niet het gevoel dat dit evenement een stap terug is. “We komen hier dezelfde uitdagingen als bij elk sportief evenement in een ander land, met een andere cultuur en taal. Maar voorlopig lijkt de organisatie prima.”

Festijn voor minder bekende sporten

Slot ziet de toekomst voor het evenement positief in. “Met zoveel landen en zoveel goeie sporters zijn, moet er ruimte zijn voor zo’n evenement in Europa. Je moet het ook wat tijd geven om te groeien.”

In 15 disciplines zullen atleten elkaar bekampen in Minsk: aerobic, beachvoetbal, baanwielrennen, gymnastiek, badminton, 3×3 basketbal, boksen, handboogschieten, judo, karate, sambo (vechtsport), schietsport, tafeltennis, wielrennen en worstelen. Andere Olympische sporten ontbreken omdat de verschillende sportbonden nog niet op een lijn zitten, of de Europese spelen nu eenmaal niet in de al drukbezette sportkalender passen. Volgens Geert Slot is het evenement dan ook een gelegenheid om “minder bekende sporten aandacht te geven.”

Vergis je niet: sportief staat er ook wat op het spel in Minsk. Bij judo en boksen gelden de Spelen als Europese Kampioenschappen. Bij andere sporten als wielrennen, boksen en badminton strijden de atleten om punten voor de wereldranglijst, die meetelt voor de kwalificatie voor de Olympische Spelen in Tokyo, volgend jaar.

Nederland mikt op medailles

Op de vorige Europese Spelen in Bakoe behaalde Nederland acht gouden medailles. Met een selectie van 87 sporters en enkele grote namen laat de Nederlandse delegatie ook nu duidelijk dat ze het evenement hoog inschatten.

Bij judo bijvoorbeeld reist Nederland af met onder meer Guusje Steenhuis, Marhinde Verkerk, Henk Grol en viervoudig Europees kampioen Kim Polling: allen serieuze kanshebbers op eremetaal. In het boksen, dat ander Europees Kampioenschap dat gehouden wordt tijdens de Spelen, is alle hoop gevestigd op Nouchka Fontijn, die bij de eerste Europese Spelen in Bakoe al goud behaalde.

Dan mogen we het wielrennen niet vergeten. In de wegwedstrijd bij de mannen blijven de meeste toppers thuis. Voor een verklaring daarvoor hoef je niet ver te zoeken: de wielerkalender is al overvol, en de Tour de France vindt op hetzelfde moment plaats. Bij het baanwielrennen en de wegwedstrijd vrouwen, met o.a. Chantal Blaak, Amy Pieters, Lorena Wiebes en Olympische kampioenen Marianne Vos en Anna van der Breggen.

“Natuurlijk nemen wij dit serieus”, zegt Geert Slot. “Elk evenement waar je je kunt meten met de Europese top is de moeite waard.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.