Shared space zonder oriëntatiepunt: “Ik voel me onveilig”

Verkeerskundigen zijn er dol op, maar voor visueel beperkten kan het een regelrechte ramp zijn: shared space. In dit artikel de schaduwkant van het concept en de manieren waarop er geprobeerd wordt om deze toch zo prettig mogelijk te maken.

De Brugstraat. Het krioelt er van de mensen. Winkelaars, studenten en voetgangers die onderweg zijn naar hun werk. Er rijden scooters, auto’s en vooral heel veel fietsers.

Het is een klassiek voorbeeld van een shared space. Er zijn namelijk geen zebrapaden, verkeersborden of plekken die voor speciaal verkeer zijn ingericht, maar mensen die het verkeer zelf met elkaar regelen.

Gedeelde Ruimte

‘Shared space’ is bedacht door de in 2008 overleden Friese verkeerskundige Hans Monderman. Door alle regels en verkeersborden weg te halen, dacht hij, zullen verkeersgebruikers intensiever op elkaar gaan letten. De onzekerheid die er dan ontstaat dwingt hen om bewust te zijn van het sociale gedrag om hen heen.

Inmiddels kent Groningen verschillende shared spaces: het begin van de Folkinge- en Astraat, en dus ook de Brugstraat.

Kruispunt bij de A-brug

De Brugstraat: je hoort van alles, maar je voelt niets

In shared spaces beweegt iedereen tegelijkertijd en zijn ze samen verantwoordelijk voor het verkeer. Op die manier vormt de straat het hart van de samenleving. En dit hart klopt, wat de Brugstraat betreft. Ten minste, als je kunt zien waar je loopt. Want voor blinden en slechtzienden is het momenteel een drama.

Bij één van de vier bushaltes aan de Westerhaven heb ik daarom afgesproken met Hubert de Vos, een 56 jarige man uit Groningen. Hij heeft grijs haar en draagt een geruite blouse. In zijn linkerhand houdt hij een geleidenstok. Arm in arm wandelen we door de Brugstraat. We praten over de impact die het gebied heeft op zijn beleving van de stad. Hier hoor je hoe dat klinkt:

Herinrichting Stad

De paniek die De Vos voelt wanneer hij de Brugstraat inloopt, is merkbaar te horen. Om hem heen is er allerlei verkeer, toch voelt hij niet in welke richting hij loopt. En dat komt doordat er geen oriëntatiepunten zijn, zoals geleidelijnen of stoepranden.

Herman Lübbers, die projectleider is van de inrichting van de Brugstraat, legt uit waarom deze punten nog ontbreken. “Dat komt omdat het tijd kost om het ontwerp van de straat zo goed mogelijk uit te voeren.”

Om te weten welk ontwerp het beste werkt in shared spaces, werd er een try-out gedaan in de A-straat, die in het verlegde van de Brugstraat ligt. “Daarvoor werden er eerst verschillende type geleidelijnen aangelegd in de straat die het verlegde van de Brugstraat ligt. Vervolgens werd het definitieve ontwerp bedacht en uitgevoerd. Dat deden we door onze keuzes te evaluëren met onze doelgroep, zodat het in detail ook klopt.” Op die manier kon de A-straat de basis voor de Brugstraat zijn.

Of de straat daardoor prettig wordt voor al het verkeer met een visuele beperking, kan hij nog niet zeggen. “Er is niet een eenduidige manier die voor iedereen werkt. We proberen het wel zo goed mogelijk te doen, juist in overleg met blinde en slechtziende medemensen.”

Niet altijd gevaarlijk

Else Havik bevestigt de nuance die Lübbers maakt. Zij deed tussen 2009 en 2012 onderzoek naar de mogelijke consequenties voor blinden en slechtzienden in shared space gebieden. “Soms kunnen mensen nog verschil zien tussen licht en donker of in kleur, daar kunnen ze dan nog wat aan hebben.”

Bovendien zijn er oplossingen mogelijk. “Ontwerpers kunnen rekening houden met blinden en slechtzienden, zodat shared space ook interessant is voor hen.” Dat kan bijvoorbeeld door contrastrijke en voelbare markeringen toe te voegen in de looproute van voetgangers. Havik: “En tegelijkertijd kan er in revalidatiecentra specifiek aandacht worden besteed aan dit soort gebieden tijdens mobiliteitstrainingen. 

Toch herkent ze ook dat shared space gebieden moeilijkheden met zich kunnen meebrengen. “Mensen met een visuele beperking zijn gewend om zich te oriënteren op de structuren die er zijn in een weg. Als die er niet zijn, dan is het lastiger voor hen om te bepalen of ze nog in een gebied zijn waar het veilig is om te lopen. Ontbreekt er een stoeprand, dan weet je bijvoorbeeld niet of je haaks op de weg staat. Dat geldt ook voor een geleidehond.”

Geleidelijnen

In de aankomende twee weken worden er volgens Lübbers definitieve geleidelijnen geplaatst in de Brugstraat, die de ruimte toegankelijker moeten maken voor blind en slechtziend verkeer. Of de situatie daardoor inderdaad beter wordt, is nog de vraag. Want, benadrukt De Vos: “Het blijft chaotisch. We zullen nooit oogcontact kunnen maken met de mensen om ons heen. Dus weten we ook niet wat de rest van het verkeer doet.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.