“Ik heb andere mensen net zo hard nodig als zuurstof.”

Als gevolg van de coronamaatregelen zijn studenten aangewezen op hun kamer, met mentale en psychische gevolgen tot gevolg. Uit een enquête die is ingevuld door 176 studenten blijkt dat een overgrote meerderheid zich eenzamer en minder gelukkig voelt. “Ik gebruik meer drugs om me goed te voelen.”

Barend van der Have (24, master Redacteur/Editor) is is blij met zijn nieuwe kamer. En vooral met zijn balkon. Als hij op 1 maart niet was verhuisd, twee weken voor het afkondigen van de coronamaatregelen, had hij misschien helemaal geen balkon gehad. En het parkje om de hoek ook niet. “Zonder dat balkon had ik me een stuk meer opgesloten gevoeld. En het is fijn dat ik nu een wandeling kan maken. Dat was in mijn vorige buurt wel anders. Maar soms heb ik nog wel een ingekakt gevoel. Alsof het allemaal geen zin meer heeft.”

Barend is niet de enige. Uit een enquête onder 176 studenten op kamers, blijkt dat een groot aantal minder gelukkig is. Bijna zestig procent zegt zich door de coronamaatregelen eenzamer te voelen. De enquête is afgenomen onder studenten door het hele land, waarin ze gevraagd zijn naar onder andere het contact met hun vrienden, huisgenoten en of ze zich nog onderdeel voelen van hun studentenvereniging.

Meer weten over de resultaten van deze enquête? Kijk dan de video hieronder!


Sociale contacten

Gevoelens van eenzaamheid staan of vallen natuurlijk samen met het zien van andere mensen. Ook dit gebeurt aanmerkelijk minder. Nagenoeg alle studenten die de enquête hebben ingevuld, zeggen minder af te spreken met vrienden. Waar het nog wel gebeurd, moet dat op een ‘corona-veilige’ manier: 1,5 meter afstand en anders maar hopen dat de politie je niet ziet.

“Ik spreek heel soms nog met anderen af,” zegt Van der Have. “Voornamelijk met mijn vriendin uiteraard. Die komt hier ieder weekend. En met sommige mensen buiten. Maar dat probeer ik wel te beperken.” Robin Baas (23) zegt met drie vrienden nog wel eens een wandeling te maken te maken op afstand. “Met de maatregelen in acht genomen natuurlijk,” lacht hij. “Maar dat probeer ik wel in stand te houden. Zo kom ik nog een beetje uit het huis.”

Marie van der Donk (20) probeert contact wel zoveel mogelijk te vermijden. “Ik ben in de afgelopen periode twee keer afgesproken met iemand buiten mijn huisgenoten. Ik neem het best serieus. Ik loop natuurlijk ook stage bij de Volkskrant dus ik krijg iedere dag een bulldozer van dit nieuws over me heen. Maar ik heb veel huisgenoten, dus dat compenseert.”

Verenigingen

Deze gevoelens van eenzaamheid worden versterkt door de sluiting van kroegen en sociëteiten. In de enquête geven studenten aan hierdoor bijna niemand meer te zien. “Juist het samenzijn maakt een vereniging,” reageert een student. Een andere student schrijft: “Als ik te lang alleen ben begin ik me nerveus en onrustig te voelen. Ik heb andere mensen net zo hard nodig als zuurstof.”

Door het hele land proberen verenigingen een zo groot mogelijk deel van de jaarlijkse agenda online aan te bieden. Online pub-quizzes, bierproeverijen en lezingen zijn slechts een greep uit het scala van alternatieven dat momenteel aangeboden wordt om de onderlinge band tussen de leden sterk te houden. Het overgrote deel van de studenten is echter van mening dat een online activiteit niet opweegt tegen het daadwerkelijk fysiek aanwezig zijn. Erg druk zijn de online activiteiten dan ook niet.

Dat merkt Robin ook. Hij studeert International Development Studies en is lid van Navigators Studentenvereniging Wageningen (NSW). Het merendeel van de vaste activiteiten wordt ook hier online aangeboden, zoals de wekelijks terugkerende Bijbelgroep. “We gaan om half acht met z’n allen praten, dus dan zie je ook wat meer mensen. En dan vanaf acht uur is het in kleinere groepjes, waarbij je dieper het gesprek in gaat,” vertelt Robin.

Alhoewel de online Bijbelgroep kan rekenen op enige opkomst, geldt dat niet voor de rest van de activiteiten. “Je ziet dat een online borrel aanzienlijk minder goed wordt bezocht. Normaal, als zoiets in het echt plaatsvindt, zie je veel meer mensen. Je vindt nu vooral contact in de kleinere subgroepjes, in plaats van in het grotere geheel. Ik voel me nog wel steeds onderdeel van de vereniging, maar je mist wel een groot deel van het contact dat je normaal hebt. Ik kan me wel voorstellen dat mensen zich daardoor eenzamer voelen.”

Sociale contacten

Gevoelens van eenzaamheid staan of vallen samen met het zien van andere mensen. Ook dit gebeurt aanzienlijk minder. Nagenoeg alle studenten die de enquête hebben ingevuld, zeggen minder af te spreken met vrienden. Waar het nog wel gebeurd, moet dat op een ‘corona-veilige’ manier: 1,5 meter afstand en anders maar hopen dat de politie je niet ziet.

“Ik spreek heel soms nog met anderen af,” zegt Barend. “Voornamelijk met mijn vriendin uiteraard. Die komt hier ieder weekend. En met sommige mensen buiten. Maar dat probeer ik wel te beperken.” Robin zegt met drie vrienden nog wel eens een wandeling te maken te maken op afstand. “Met de maatregelen in acht genomen natuurlijk,” lacht hij. “Maar dat probeer ik wel in stand te houden. Zo kom ik nog een beetje het huis uit.”

Marie probeert buitenshuis wel zoveel mogelijk contact te vermijden. “Ik heb in de afgelopen periode twee keer afgesproken met iemand anders mijn huisgenoten. Ik neem het best serieus. Ik loop natuurlijk ook stage bij de Volkskrant dus ik krijg iedere dag een bulldozer van dit nieuws over me heen. Maar ik heb ook veel huisgenoten, dus dat compenseert het gemis wel enigszins.”

Online leven

Door de coronamaatregelen zijn scholen en universiteiten gesloten, en veel bedrijven zitten tijdelijk op slot. De studentenkamer verandert daarmee in een werkplek, een soort thuiskantoor. En al lijkt college volgen vanuit bed of werken vanuit je luie stoel misschien een leuk alternatief, velen missen het samenzijn met medestudenten en collega’s. “Je mist het contact met andere mensen in een collegezaal. Of het even snel koffie halen tussendoor,” zegt Baas. “Ook die dingen mis je als de colleges niet doorgaan.”

Marie werkt sinds de coronamaatregelen thuis. Haar stukjes tikt ze nu vanuit haar studentenkamer. “Je leeft als het ware online,” zegt ze. “Zowel met werk, als met studie. Ook je sociale leven is nu grotendeels online. Ik probeer dagelijks wel te bellen met vriendinnen. Soms doen we dan een spelletje. Maar dat is natuurlijk heel anders dan wanneer je ze in het echt ziet.”

“Mijn huisgenoot werkt bij het Financieel Dagblad,” zegt Barend. “Dus er hangt wel echt een soort van werksfeer bij ons thuis. Dat is aan de ene kant fijn, maar aan de andere kant ook juist weer niet. Ik probeer daarom zoveel mogelijk een vast ritme aan te houden, en na vijf uur te stoppen met werken. Eerder ging ik nog wel eens door, en dan had ik de volgende dag totaal geen energie meer. Nu spreek ik ‘s avonds met een vriend af, of ga ik een wandeling maken in het park.”

De meningen over deze online manier van leven zijn aardig verdeeld, blijkt uit de enquête. Zo zegt één student enorm dankbaar te zijn voor de online alternatieven, zodat hij zijn vrienden en familie nog kan zien. Maar een groot deel van de studenten vindt het online communiceren ongemakkelijk, onpersoonlijk, onnatuurlijk en vermoeiend. Een student schrijft: “Ik wil kunnen proosten, knuffelen en gewoon face-to-face kunnen praten.”

Psycholoog

Het vele thuiszitten, het ontbreken van een verenigingsleven en het gemis van vrienden zijn belangrijke factoren achter het eenzaamheidsgevoel waar veel studenten mee kampen. En dat is niet zonder gevolgen. Studenten schrijven dat ze zich depressief voelen. Enkelen hebben last van toenemende perioden van angst en stress. Een student zegt zich roekelozer te voelen, minder goed te slapen en minder zijn draai te kunnen vinden. Een andere student schrijft: “Ik gebruik meer drugs om me goed te voelen.”

Van de 176 studenten, hebben er 7 aangegeven een huisarts of psycholoog te hebben bezocht als gevolg van hun eenzaamheid. Sieka Berkhoudt, coördinator bij AllEars Groningen, maakt zich daar zorgen over. AllEars Groningen is een initiatief van de StudentenKoepel voor Levensbeschouwelijk Organisaties (SKLO). De organisatie biedt studenten een “luisterend oor.” Een soort levende praatpaal, gevestigd in één van de vele vleugels van het Harmoniegebouw. Tijdens een telefonisch spreekuur op dinsdag- en dondermiddag kunnen studenten hun sores bespreekbaar maken.

“Als ik zie hoeveel studenten er kampen met dit soort klachten, dan snap ik niet dat wij maar zo weinig aanmeldingen hebben,” zegt Sieka. Tot nu toe hebben zich bij AllEars tussen de 15 en 20 studenten aangemeld wegens psychische klachten als gevolg van de coronamaatregelen.

Een enorme stormloop had Berkhoudt ook niet verwacht. “Veel studenten zijn immers weer naar hun ouders verhuisd. Daar zullen ze wel goed opgevangen worden,” zegt ze. Maar de huidige rust bij AllEars baart haar zorgen. “De coronacrisis moet je zien als een vergrootglas. Onderliggende problemen, die soms al langer spelen, kunnen daardoor opeens naar de oppervlakte komen.” Berkhoudt denkt dat veel jongeren zich schamen om hun problemen te melden. “Daarom gaan we binnenkort werken met een chatfunctie. Hopelijk durven jongeren dan sneller hun problemen aan te kaarten.”

Huisgenoten

Een enigszins compenserende factor voor de eenzaamheid, zijn huisgenoten. Studenten schrijven een betere band te krijgen met huisgenoten, omdat ze nu veel meer met elkaar optrekken. Vooral in studentenhuizen waar leden van dezelfde vereniging wonen, krijgt eenzaamheid nauwelijks voet aan de grond.

Van der Donk deelt haar huis met vijftien huisgenoten. Soms verdubbeld dit aantal zelfs. “Iedereen is nu thuis en neemt neemt ook zijn of haar vriend of vriendin mee. We eten nu ook met veel meer mensen in de GK [gemeenschappelijke kamer, red.]. Maar dat is wel zo gezellig, nu we toch nergens anders meer heen kunnen. Je merkt dat iedereen er maar het beste van probeert te maken. Alleen op je kamer is immers ook niet leuk.”

Deze gezelligheid herkent Robin ook, die zijn huis deelt met 8 huisgenoten. “Ik heb overwogen om naar huis te gaan,” zegt hij. “Maar mijn huisgenoten hebben me overgehaald om hier te blijven. De sfeer is hier goed. Het is wel gezellig hier.”

‘Aan mezelf werken’

Uit de enquête blijkt dat niet iedereen dezelfde gevoelens van eenzaamheid ervaart. Vooral studenten die vinden dat ze thuis weinig afleiding hebben, vinden het ‘thuisleven’ prima te doen. Of ze vinden het juist prettig dat veel verplichtingen, zoals het verplicht fysiek aanwezig zijn bij een college, zijn komen te vervallen. Een ander geeft simpelweg aan geen “negatieve energie” te krijgen van de coronacrisis, en zegt prima in zijn vel te zitten.

Ook Yannick van Lee (22, International Business) vindt het vele thuiszitten niet heel vervelend. “Ik voel me een beetje eenzamer, maar anderzijds werk ik ook meer aan mezelf en zie ik steeds meer in dat ik niet altijd mensen nodig heb. Uiteindelijk ben ik degene met wie ik elke dag op moet staan en waarmee ik de dag doorbreng.”

Toekomst

Het is momenteel nog onduidelijk hoe lang de coronamaatregelen van kracht zullen blijven, en in welke proporties. Over het algemeen lijken studenten positief te staan tegenover de toekomst. Vijftig procent geeft aan positief te zijn, en zo’n dertig procent stelt zich neutraal op. Een kleine elf procent ziet de toekomst met argusogen tegemoet. Robin maakt zich niet druk. “De toekomst? Geen idee, er is nog erg veel onzeker. Maar als student zit je in een redelijk goede uitgangspositie voor de arbeidsmarkt. Ik maak me daar geen zorgen over.”

“Ik zie de toekomst na corona als positief,” zegt Marie. “Maar dat ligt er wel aan hoe snel het vaccin komt. En of we er op den duur wat van geleerd hebben.” Een lichte onzekerheid trilt in haar stem. “Maar ja, positieve toekomst of niet. Ik hoop dat het gewoon niet te lang meer duurt, dit allemaal. Ik wil mijn vrienden gewoon weer kunnen zien. Ik ben het zat.”

Ondanks zijn soms negatieve gevoelens, probeert Barend positief te staan tegenover de toekomst. “Ik kan er wel echt mee zitten soms. Er speelt dan van alles rond in mijn achterhoofd. Er is natuurlijk ook nog veel onbekend, en iedereen zit met vragen. Maar ik probeer me er verder niet te druk over te maken. Dat heeft geen zin. Ik probeer zoveel mogelijk positief te blijven. Het is nou eenmaal wat het is.”

Heb je ook moeite met eenzaamheid, depressiviteit of angst? In Groningen zijn genoeg psychologen of (praat)coaches om je te helpen! Kijk vooral naar het kaartje hieronder:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.