Een plein als trots van de stad

De Grote Markt is het centrum van Groningen. Grenzend aan de Martinitoren, Mutua Fides, Drie Gezusters en het Stadhuis is ze al vele generaties één van de meest bekende pleinen van Nederland. Tegelijk is verandering inherent aan haar karakter, en zijn nieuwe plannen bijna aan de orde van de dag. Desondanks behoudt ze haar bijzondere status. Over hoe een plein de trots van de stad werd.

Bij de bouw van het Forum heeft de Groninger bodem meer prijsgegeven over haar lange verleden. Archeologische vondsten werden uit de grond gestampt, en wierpen nieuw ligt op de ontwikkeling van één van de bekendste pleinen van Nederland. Tegelijk is ook bovengronds de verandering zichtbaar: het tijdelijke VVV-pand is verdwenen. Niet voor het eerst is de Grote Markt het lijdend voorwerp van verandering. Maar ondanks alle transities en veranderingen, blijft ze geliefd onder studenten en stadjers.

Hondsrug

Wie de geschiedenis van de Grote Markt wil voelen, hoeft niet ver te zoeken. Sterker nog; je hoeft er niet eens voor naar de Grote Markt. Vaste bezoekers weten dat de weg ernaar toe lichtelijk stijgt. De Grote Markt is gevestigd op de Hondsrug, een langgerekte reliëfvorm die zich uitstrekt van Groningen tot Emmen. Sinds het begin van onze jaartelling leende dit reliëf zich als doorgaande route door het drassige Drentse veenlandschap. 

“Groningen is ontstaan met dank aan die Hondsrug,” vertelt Martin Hillenga, historicus en projectmedewerker bij de Verhalen van Groningen. “Van welke kant je ook naar de Grote Markt toe loopt, ze ligt altijd hoger dan haar omgeving. Via de Hondsrug kon je eenvoudig van Drenthe naar de kust. De Grote Markt lag op een zeer strategische plek. Hierdoor heeft Groningen ook een belangrijke centrumfunctie kunnen krijgen.”

Diezelfde Hondsrug is nog beter te zien in de Herestraat. Zo begint deze straat bij de Grote Markt op 8,4 meter NAP, maar daalt deze tot 4,3 NAP bij de aansluiting met het Zuiderdiep. Dat is een hoogteverschil van 4,1 meter! “Deze weg laat wel goed zien waarom de Grote Markt een natuurlijk centrum kon worden,” zegt Hillenga. “Het lag een beduidend stuk hoger dan haar omgeving.”

Brinkdorpje

Wanneer de Grote Markt precies is aangelegd, is niet bekend. In 1040 na Christus, wordt voor het eerst geschreven over Groningen – en over de Grote Markt. “Rond het jaar 1000 moet je je Groningen vooral voorstellen als een Drents brinkdorpje. De markt met wat huisjes, en daar hield het wel mee op. Maar die markt was essentieel voor de groei van Groningen. Voornamelijk voor haar positie in de Middeleeuwen.”

Door de aanleg van de markt, waar handel de dagelijkse gang van zaken was, kon het brinkdorpje behoorlijk wat status verwerven. Zo kon er onder andere aanspraak gemaakt worden op muntrecht en het recht om tol te heffen. “Je moet je dan ook voorstellen dat die markt op gegeven moment geen simpele viskraam was die even kwam aanrijden,” vertelt Hillenga. “Er kwam een volledige, vaste infrastructuur. De markt werd de belangrijkste aandrijver voor economische groei.”

Zo hebben de opgravingen bij het Forum ook uitgewezen dat er ooit paardenstallen zijn aangelegd. Maar ook dat de houten huizen, die de Grote Markt omsingelden in het begin van het tweede millennium, langzaam aan verstenen. In de dertiende eeuw verschijnen de eerste bakstenen huizen. In de vijftiende eeuw zijn vrijwel alle gebouwen die grenzen aan de Grote Markt gemaakt van steen. “Hierdoor werd de Grote Markt ook een prominente woonplek,” vertelt Hillenga. “Het natuurlijke centrum werd nu aangevuld met een economisch en, iets later, bestuurlijk aspect.”

Ster en windroos

Die centrumfunctie heeft de Grote Markt nog steeds. Vroeger kwamen er handelaren samen om geld te verdienen; nu spreken groepjes studenten er met elkaar af. Op zwoele zomeravonden komen zwermen inwoners en toeristen over het plein, naarstig op zoek naar de laatste straaltjes zon. Het gonst van gezelligheid, straatverkopers doen goede zaken. De Grote Markt als sociaal en gezellig collectief.

Maar tegenwoordig wordt de Grote Markt ook vaak gebruikt als meeting point. Dat heeft niet enkel te maken met de centrale ligging van het plein. Wie naar de grond kijkt, ziet namelijk handige herkenningspunten – zeker nu het VVV-pand verdwenen is. In de bestrating van de Grote Markt zijn namelijk een ‘ster’ en een ‘windroos’ te ontdekken. De ster is aangelegd in 1926. “Waarschijnlijk ter versiering,” zegt Hillenga. “Maar waarom precies is mij onduidelijk.”

De windroos is een ander verhaal. Dit is namelijk een referentie naar een 17e-eeuwse kaart van Groningen, gemaakt door Egbert Haubois. De huidige Grote Markt staat op deze kaart nog aangemerkt als “Brede Merct”. Op het plein voor het raadhuis, daarentegen, is een windroos afgebeeld. “Waarom Haubois die er neergezet heeft, is ook nog steeds een raadsel,” zegt Hillenga. “Maar het is wel bijzonder dat deze is overgenomen in de huidige bestrating van de Grote Markt.”

Detail van de plattegrond van Egbert Haubois (rond 1635). Lins van het Wijn en Raadhuis is de windroos te zien.

Bestuurlijk

Een prominente aanwezigheid is het Stadhuis. Het huidige pand is opgeleverd in 1810, na een bouwperiode vol problemen waar die van het Forum nog bij zou verbleken. Huldigingen, trouwerijen en bestuurlijke vergaderingen vinden wekelijks plaats in het hart van de stad. Op de trappen zitten geregeld studenten te kletsen, of wordt het bordes veelal gebruikt voor het maken van foto’s met de Martinitoren op de achtergrond. Grunniger kan het niet.

Het huidige Stadhuis is niet het eerste bouwwerk dat een belangrijke bestuurlijke rol speelt in de geschiedenis van Groningen. Sterker nog: deze bestuurlijke macht lag in eerste instantie voornamelijk op de Grote Markt. Rond 1200 werd besloten om de Grote Markt te bestraten, en zo de handel te laten floreren. In combinatie met de strategische ligging naam de economie een hoge vlucht, en verwierf het eens zo nietige brinkdorpje zichzelf een meer stedelijke allure. De kern van deze groei vond plaats op de Grote Markt, besloten in de interactie tussen handelaren uit alle windstreken. Het is hierom niet zo vreemd, dat toen besloten werd de bestuurlijke macht te institutionaliseren in het Raad en Wijnhuis, deze onderdak kreeg in een statig pand in het midden van de Grote Markt.

De bouw was een bevestiging van de toenemende macht van het stadsbestuur, in een tijd waarin Groningen veranderde in een stadsstaat à la  Venetië. In de vijftiende eeuw werd de Grote Markt nogmaals, en voor de laatste keer, verhoogd om de handel zo voorspoedig mogelijk te laten verlopen. Het Raad en Wijnhuis heeft gedurende drieënhalve eeuw de markt gedomineerd. Na een aantal verbouwingen werd het Raadhuis verrijkt met de aanleg van een Wijnhuis. Onder het genot van wijn konden bestuurders, belast met ambtelijke taken, de orde van de dag bespreken. 

Uiteindelijk werd het pand in 1773 gesloopt. Het was bouwvallig en te klein geworden. Een nieuw ontwerp werd gemaakt, en in 1793 werd begonnen met de bouw. Rond de eeuwwisseling kwam deze volledig stil te liggen door technische en financiële problemen, en binnenvallende Franse troepen. Uiteindelijk, na jaren van vertraging, wordt het Stadhuis in 1810 opgeleverd en in gebruik genomen.

Plein van iedereen

In de jaren hierna manifesteerde de Grote Markt zich als een ‘plein van iedereen.’ In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog doet ze vooral dienst voor verschillende jaarmarkten, en blijft ze het toneel voor vele vieringen en huldigingen. In 1795 loopt bijna de volledige stad uit, als een ‘vrijheidsboom’ wordt gepland. Huldigingen en feestelijkheden vinden vanaf nu ook plaats op het centrale plein, waar de hele stad op afkomt.

Centraal in het verhaal van de Grote Markt blijft, ook in deze periode, de handel. Met zowel buitenlandse handelaren die hun geluk in Nederland komen beproeven, als boeren uit de omgeving die hun waar in de ‘grote stad’ proberen te slijten. Maar de Grote Markt wordt, in lijn met het ‘plein van iedereen’, ook steeds meer een sociale ontmoetingsplek. Bewoners komen hier samen om te praten over de waan van de dag. In dat opzicht lijkt er weinig verschil te zijn met nu, ware het niet dat de toekomst van het plein in 1945 een drastische wending nam.

Reset

Van de Eerste Wereldoorlog krijgt Groningen weinig mee, maar de bommenregens in de Tweede Wereldoorlog laten weinig heel van de Grote Markt. Wonder boven wonder blijft de Martinitoren ongedeerd, maar de noord- en oostzijde gaan vrijwel volledig in vlammen op. “Nadat de Grote Markt in puin was geschoten, werd alles anders,” vertelt Hillenga. “Dat was een belangrijk punt in de geschiedenis van het plein. Alsof iemand op de reset-knop had gedrukt.”

Na de capitulatie van de Duitse bezetter en de bevrijding van Nederland, begon een lang getouwtrek tussen het gemeentebestuur en de Rijksdienst voor Monumentenzorg. Op 31 mei 1949, meer dan vier jaar na de bevrijding, wordt er een knoop doorgehakt: er komt een plan voor de wederopbouw van de Grote Markt. De meest opvallende verandering is de nieuwe locatie voor de sociëteit van Vindicat, die een volledig nieuw pand toegewezen krijgt aan de oostzijde van het plein. Volgens de commissie belast met de herinrichting van de Grote Markt, zou op deze manier de ‘universitaire functie’ van de stad duidelijk aanwezig blijven.

Verder was de wederopbouwcommissie het er over eens dat de detailhandel alle ruimte zou moeten krijgen, om de oude eigendomsrechten te eerbiedigen. Een andere ingrijpende maatregel: de tram werd in de ban gedaan. Tussen 1880 en 1949 reden er namelijk trams door de stad, maar werden vervangen door trolleybussen die als milieuvriendelijker werden gezien. Of een tram de Grote Markt ooit nog zal aandoen, blijft een groot vraagteken (alhoewel er momenteel we gesprekken over zijn). Momenteel rijden er voornamelijk (elektrische) bussen. Wat waarschijnlijk nooit zal veranderen, is de infrastructurele chaos die de Grote Markt al jaren kenmerkt. Maar chaos of niet, zelfs dat werd op gegeven moment onderdeel van het plein.

Horeca

Ondernemers zien hun kans schoon in de plannen van de wederopbouwcommissie. Winkels, en voornamelijk horecabedrijven, schieten als paddenstoelen uit de grond. Langzaam doch gestaag verandert de Grote Markt in het kloppende horecahart van Groningen. Dit wordt in 1972 kracht bijgezet, als Koos Huizenga een monumentaal pand koopt waar hij zijn eigen horecabedrijf opzet, genaamd De Drie Gezusters. De gelegenheid is nu het grootste en meest bekende horeca-etablissement van de stad. Op zomeravonden zit het terras gegarandeerd vol.

Het past in de functie die de Grote Markt over de jaren gecultiveerd heeft. Van een centrumfunctie in de Middeleeuwen die het brinkdorpje voorspoed bracht, tot een sociale ontmoetingsplaats in de decennia voor de Tweede Wereldoorlog. De vestiging van horeca is een bekrachtiging van dit sociale component. Nu lijkt de Grote Markt een perfecte cocktail: er wordt nog steeds handel gedreven. Op gezette dagen trekken mensen uit de provincie naar de stad om hun waar te verkopen.

En als er niet gehandeld wordt, is de Grote Markt bevolkt met mensen van diverse pluimage. Lachend, drinkend, genietend. In één oogopslag wordt duidelijk waarom de Grote Markt zo geliefd is onder haar bevolking. Maar wat het nog bijzonderder maakt, is hoe het de uitkomst is van een voorgeschiedenis waarvan alle elementen beklonken worden in deze materialistische liefde.

Kijk hieronder voor een korte samenvatting van de belangrijkste gebeurtenissen in de geschiedenis van de Grote Markt:

Door Jelmer Buit

Bij de totstandkoming van dit artikel is de volgende literatuur geraadpleegd: ‘Grote Markt Oostzijde’ (Beno Hofman, 2005); ‘Stad van het Noorden’ (Maarten Duijvendak & Bart de Vries, 2003) en ‘Opgravingen aan de Grote Markt Oostzijde’ (Huis in ’t Veld, 2018). Speciale dank aan Martin Hillenga en De Verhalen van Groningen voor hun bijdrages.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.